Chinese vechtkunsten

Kungfu is een algemene benaming voor Chinese vechtkunsten en met name gebruikt voor de traditionele stijlen. De term is populair geworden in de jaren zeventig met de komst van de kungfu films uit Hong Kong. Het betekent ‘vaardigheid’ en kan in vele vakgebieden gebruikt worden.

Tegenwoordig is ook de meer correctere benaming Wushu, hetgeen letterlijk ‘vechtkunst’ betekent, steeds meer in zwang. Echter wordt de term Wushu in de Westerse wereld vaker in verband gebracht met de moderne, acrobatische competitieve stijlen afkomstig van het vaste land van China gecreëerd door de communistische partij.

Daarom is er voor gekozen de term ‘kungfu’ de voorkeur te geven. Kungfu komt voort uit de Chinese cultuur en om een goed begrip en inzicht te krijgen in de Chinese vechtkunst is een interesse in de Chinese cultuur onontbeerlijk.

Een vechtkunst dus. Maar Noord Zuid Kungfu geen ‘kunst’  in de zin van show elementen, hoge sprongen, extreem flitsende bewegingen of andere elementen die niet veel met kungfu te maken hebben maar meer in het turnen lijken thuis te horen. Meer de kunst van het blijven zoeken naar verbetering in eigen bewegingen, beheersen van technieken, zoeken naar vloeiendheid, balans, explosiviteit.

Het kungfu kan ingezet worden ter verdediging, maar het is geen verdedigingssport of zelfverdedigingscursus. Het uitgangspunt is dat in principe alle bewegingen een praktische toepassing moeten hebben, maar er wordt niet eindeloos gezocht naar zelfverdediging scenario’s.